Het is 14 februari en dat betekent Valentijnsdag. Een dag waar ik normaal gesproken helemaal niets mee heb. Maar vandaag leek het me toch leuk om een stukje over de liefde voor de fiets te schrijven. Want in de afgelopen jaren heb ik heel wat vreemds voorbij zien komen op het internet.

De liefde voor de fiets gaat soms erg ver. Zo is mij een verhaal bekend van een man die zijn nieuwe Italiaanse fiets persoonlijk op ging halen bij de maker in Italië. Er schijnt ook een boek van te zijn verschenen maar die kan ik nergens meer vinden. Wellicht weet iemand meer over dit verhaal.

Maar er zijn ook mensen die die fiets op hun lichaam laten vereeuwigen. Er zijn op internet tientallen voorbeelden te vinden van tatoeages van fietsen of fietsgerelateerde. Van heel simpel tot complete kunstwerken. Voor sommige mensen die het de ultieme manier om de liefde aan de fiets te verklaren.

 

 

Maar het kan natuurlijk nog veel verder gaan. Zo deelde de zoon van Sven Nijs zijn bed met zijn nieuwe fiets. Lepeltje lepeltje lag hij met zijn nieuwe veldritfiets. Hij is echter niet de enige. Verschillende wielrenners duiken hebt bed in met hun fiets. 

Het lijkt allemaal heel vreemd maar als ik bedenk dat ik in 2014 ruim 141 uur op mijn racefiets heb gezeten. Dat zijn bijna 6 dagen van 24 uur. Uitgaande van een gemiddeld rijtijd van 2.5 uur zijn dat 53 ritten, oftewel iedere week een rit. Weer of geen weer.

Er zijn mensen die nog veel meer kilometers maken en dus ook meer uren op de fiets zitten. Het is dus niet verwonderlijk dat ze soms een vertrouwensband met hun fiets opbouwen. Op soms wel 100 kilometer van huis moet je immers blind op de fiets kunnen vertrouwen. De fiets komt immers niet thuis zonder wielrenner en de wielrenner komt niet thuis zonder zijn fiets.

Een fijne valentijnsdag!