Afgelopen zondag werd onder leiding van CC Jeroen Bosch ‘le Tour du Fou Pédalant’ verreden. Een bijzondere toertocht met ieder jaar een bestemming die binding heeft met de oud-wielrenner Gerrit Schulte. Dit jaar was Leuven de eindbestemming omdat Schulte daar in 1956 het nachtcriterium won. ‘Le Tour du Fou Pédalant’ is bijzonder omdat deze wordt verreden als een echte koers, compleet met motards en volgwagens.

Zegening door plebaan van Rossem

Het is koud als de 180 deelnemers inclusief ik zich verzamelen op de Parade voor de zegen en de nodige plichtplegingen. Plebaan van Rossem geeft een zegen en met een paar druppels weiwater voor iedere renner kan het bijna niet meer misgaan. De Wethouder van sportzaken doet nog een praatje en na een kanonschot is het tijd om te vertrekken. Langzaam komt het peloton op gang. Zodra we de binnenstad uit zijn en op het asfalt van de Zuidwal rijden zit het tempo er al snel in. Van tevoren was gecommuniceerd dat de snelheid niet hoger dan 30 kilometer per uur zou liggen maar ik zag toch regelmatig snelheden van rond de 35 kilometer uur op mijn teller.

IMAG0266

De motards leiden ons door Vught, langs de A2 en weer door Oisterwijk. Overal krijgen we vrij baan, net als in de Tour de France. Rode lichten en tegenliggers bestaan ineens niet meer want de Tour stopt voor niemand. Vervolgens komen we door en langs verschillende plaatsen in Brabant en steken we tussen Reusel en Arendonk de grens over. Het bord met de tekst ‘Vlaanderen’ is een warm welkom en versterkt het koersgevoel.

Over de N-wegen rijden we soms twee banen breed en ondernemen sommige verwoede pogingen om naar de voorkant van het peloton te komen. In de kopgroep rijdt het immers een stuk rustiger en hoef je minder te remmen.

IMAG0272Net voor de pauze in Geel worden we nog getrakteerd op een Paris-Roubaixachtige kasseienstrook. Een strook die fietsen en botten doet rammelen en die menig bidon uit zijn houder schudt. Aan weerszijde van de strook 2 meter stof, zand en kuilen. Gelukkig worden we na deze Camphin-en-Pévèle look-a-like in een Vlaams café getrakteerd op koffie met koek.

Na de pauze vertrekt de hele karavaan weer in de richting van Leuven. Inmiddels vergezeld door 10 motards, waarvan 5 van de Vlaamse politie. Na Geel ontstaat er een nerveuze fase in de ‘koers’.  Door de vele bochten in het parcours moeten we soms flink op de rem met slippende achterbanden en een enkele valpartij als gevolg.

Hoe dichter we Leuven naderen hoe heuvelachtiger het landschap wordt. Het peloton wordt getrakteerd op een paar stukken vals plat en soms zelfs meer dan dat. In Leuven rijden we dwars over de Markt en langs het beroemde stadhuis.  In de Naamsestraat wordt de ‘koers’ vrijgegeven en gaat het tempo flink omhoog, er wordt flink gesprint door de Leuvense binnenstad. Met snelheden van boven de 30 kilometer per uur knallen we richting onze eindbestemming.  De gehele weg een stijgingspercentage van gemiddeld 6% heeft zorgt voor flinke een schifting in de kopgroep. Een valpartij in de sprint levert nog een bezoek van de ambulance op, maar gelukkig is er geen massale valpartij ontstaan. Van het centrum van Leuven zien we niet veel, maar is het wel bijzonder om als een echte prof te mogen sprinten.

Eenmaal aangekomen bij de Sporthal in Heverlee kunnen we bijtanken met een frisse douche, koude pinten en Vlaamse frieten met mayonaise. Rond 18:00 zitten we moe maar voldaan in de bus richting ‘s-Hertogenbosch en kunnen we terugkijken op een dag die we niet snel zullen vergeten.