Nadat ik vorig jaar op mijn mountainbike naar Antwerpen en weer teruggefietst ben was het dit jaar tijd om de lat iets hoger te leggen. Op mijn racefiets heb ik op 28 mei een rondje van ongeveer 200 kilometer gefietst langs het historische Turnhout en de havenstad Antwerpen.

Grens – Turnhout

Met de wind vol tegen passeer ik de Belgische grens bij Poppel en rijd al direct een bosrijke omgeving in. Een smal fietspad van ongeveer een meter breed leidt me naar Poppel, een klein dorpje net over de grens bij Tilburg. Vanuit Poppel staat Turnhout al aangegeven. Ondertussen passeer ik iedere 100 meter een frietkot en de kwaliteit van het fietspad wisselt van zeer slecht tot asfalt zo glad als een tafellaken. Alle frietkotten die ik tegenkwam waren nog gesloten want mijn fietscomputer geeft aan het pas half 10 is.

Een klein half uur later passeer ik de buitenwijken van Turnhout en nader ik het centrum van de stad. Mijn eerste toeristische stop ligt op ongeveer 50 kilometer van ’s Hertogenbosch.

Turnhout

In Turnhout ligt de hele grote markt open in verband met werkzaamheden aan de riolering. Jammer want de foto’s op internet zagen er zo mooi uit. De kerk stond er overigens wel mooi bij.  Vervolgens ben ik richting het kasteel van Turnhout en kwam per toeval op het Begijnhof van de stad terecht. Dit begijnhof werd ergens in de dertiende eeuw gesticht en is tegenwoordig absoluut de moeite waard om overheen te lopen. Zo is er onder anderen een prachtige barokke kerk te zien en een Mariakapel. Het is overigens niet verstand het begijnhof met de (race)fiets te betreden. De kasseienweg heeft dezelfde kwaliteit als die van het Bos van Wallers(Parijs-Roubaix).

Na mijn ronde over het Begijnhof vervolgde ik mijn weg richting het kasteel van Turnhout. In dit kasteel huisden ooit de edelen van het hertogdom Brabant, tegenwoordig is het een gerechtsgebouw.

Turnhout – Antwerpen

Vanuit Turnhout heb ik de N19 in westelijke richting gepakt. Een echte provinciale weg met voor iedere richting 1 baan een direct daarnaast het fietspad. Met de wind schuin van voren moest ik flink doortrappen maar ik haalde toch een lekker gemiddelde. Het uitzicht wisselde van grote winkels en supermarkten naar stukken bos en dorpjes. Halverwege op de route naar Antwerpen kwam ik door het dorpje Westmalle. Het dorp zelf is niet heel bijzonder maar de abdij net buiten het dorp is bekend vanwege haar trappistenbier. Ik zag de abdij net voorbij Westmalle aan mijn rechterzijde van de weg. Aan de linkerzijde van de weg is een prachtig terras waar er genoten kan worden van een versgebrouwen trappistje uit de brouwerij van de abdij.

Antwerpen

Als je net als ik Antwerpen via de N19 binnenrijdt kom je over drukke wegen en grauwe buitenwijken. Op mijn racefiets passeerde ik grijsbruine rangeerterreinen sombere wijken. Maar ik zag ook dat de omgeving steeds mooier werd naarmate ik het centrum van de stad naderde. Zodra ik de ring van Antwerpen gepasseerd was kreeg ik steeds meer te zien van de historische stad. Na wat zoeken kwam ik uiteindelijk in het centrum op het Koningin Astridplein terecht. Het hart van de stad waar alle treinen aankomen op het station en waar de dierentuin van de stad te vinden is. Vervolgens bent ik dwars door de stad richting de Schelde gefietst. Over smalle kasseistraatjes fietsend volgde ik de bordjes richting het historisch centrum. Met de kathedraal aan mijn linkerzijde en het raadshuis recht voor me  fietste ik tussen de fotograferende toeristen over het Braboplein richting mijn einddoel. Het Steen is het oudste gebouw van Antwerpen en was in de middeleeuwen het hart van de stad. Het kasteel aan de Schelde heeft in het verleden al verschillende bestemmingen gehad. Ooit was het een gevangenis en een scheepvaartmuseum. Tegenwoordig is het binnengedeelte van de burcht afgesloten voor bezoekers. Een groot deel van de openluchtruimten binnen de poort zijn echter gewoon te bezoeken en absoluut de moeite waard.

Het Steen

Bij Het Steen zette ik mijn fiets tegen een bankje en ging zitten met zicht op de Schelde.

Na een kwartiertje rust stapte ik weer op mijn fiets voor de terugtocht naar Nederland. Maar niet voordat ik nog even kon genieten van de moderne kant van Antwerpen. Vanaf het Steen reed ik in noordelijke richting parallel aan de Schelde. Het landschap werd steeds industriëler en grote kranen doemde op in de verte.

Aan mijn rechterzijde zag ik het MAS een spik splinternieuw en modern gebouw. Een imposante combinatie van baksteen en glas. Het museum huisvest verschillende musea die eerder elders in de stad waren gevestigd.

Vanuit Antwerpen naar huis

Toen ik Antwerpen eenmaal achter me had gelaten kreeg ik de wind lekker in mijn rug en was ik zo weer terug in Nederland. Plaatsen als Brasschaat, Maria-ter-heide en Wuustwezel schoten voorbij. Om zes uur stapte ik na 8 uur fietsen moe maar voldaan van mijn fiets af.

Dit verslag is geschreven voor de website www.vlaanderenvakantieland.nl